![]() |
|
In deze diepgaande financiële en economische crisis dreigen conservatisme en het status-quo opnieuw de bovenhand te nemen. Hierdoor worden solidariteit en de open samenleving het kind van de rekening. Het gevaar is immers groot dat de onzekerheid die de wereldwijde crisis met zich meebrengt en de begrijpelijke vrees om koopkracht -en jobverlies een krampreactie veroorzaakt. Nochtans is voor liberalen solidariteit in de samenleving onontbeerlijk. Solidariteit zorgt er immers voor dat elke mens met zijn mogelijkheden op een unieke manier kan bijdragen aan een betere toekomst en aan het overwinnen van crisissen en tegenslagen. Daarom formuleert Open Vld met dit congres een offensief antwoord op 4 thema's waar wij als partij het voortouw moeten nemen: Globalisering van de welvaart, klimaatverandering, optimale startkansen voor iedereen en het moderne gezin. Het congres wordt voorgezeten door Volksvertegenwoordiger én Voorzitter van het Liberaal Kennis Centrum (LKC) Prometheus, Rik Daems.
Klik hier (pdf; 152kB) om de integrale congrestekst te downloaden.
PRAKTISCH Het congres vindt plaats in de Zuiderkroon, Vlaamse kaai 81/83, 2000 Antwerpen. Klik hier voor de wegbeschrijving. Voor diegenen die met het openbaar afzakken naar Antwerpen, klik hier. Gelieve u tijdig in te schrijven via dit inschrijvingsformulier. Programma: Vrijdag 13 februari 2009
Zaterdag 14 februari 2009
Zondag 15 februari 2009
Conform de statuten van de partij heeft elk Open Vld-lid het recht om amendementen voor te stellen op de ontwerpresoluties en deze op het congres te verdedigen en ter stemming te leggen. Gelieve uw amendementen dus ten laatste op vrijdag 6 februari 2009 tegen 24u door te mailen naar congres@openvld.be. Het standaardformulier om uw amendementen door te mailen, vindt u hier terug. Uitleg over de wijze van amenderen vindt u hier ook terug. Opgelet! Te laat ingediende amendementen worden niet meer opgenomen.
(Intro is niet amendeerbaar) Wereldwijd is een diepgaande financiële en economische crisis aan de gang die bij ons en in de landen rondom ons een ravage aanricht. We moeten deze crisis aanpakken en op korte termijn maatregelen nemen. De grootste bedreiging vormt echter niet de crisis zelf, maar wel onze eigen mogelijke reactie op deze crisis. Het gevaar is immers groot dat de onzekerheid die de wereldwijde crisis met zich meebrengt en de begrijpelijke vrees om koopkracht- en jobverlies een krampreactie veroorzaakt. Sommigen komen in de verleiding om op zichzelf terug te plooien, te kiezen voor het status-quo en voor remedies uit het verleden die een echt herstel onmogelijk maken. Deze conservatieve houding manifesteert zich over heel Europa. Plots is de globalisering en de open samenleving een mogelijke zondebok en zien we dat het protectionisme de kop opsteekt. De opwarming van de aarde, de humanitaire crisissen in andere delen van de wereld en de kansarmoede in onze eigen samenleving zijn problemen die we later wel zullen aanpakken. Deze reactie is niet verwonderlijk. In tijden van crisis is de solidariteit vaak het eerste slachtoffer. De bekommernis om het eigen welzijn en om het hier-en-nu haalt dan de bovenhand op de zorg voor zij die het minder goed hebben, die ver weg wonen en zelfs op de generaties die na ons zullen komen. Voor liberalen is solidariteit in de samenleving echter onontbeerlijk, omdat wij geloven dat elke mens uniek is en onvervangbaar en bijgevolg kansen moet krijgen om zijn leven uit te bouwen. Solidariteit zorgt ervoor dat elke mens met zijn mogelijkheden op een unieke manier kan bijdragen aan een betere toekomst en aan het overwinnen van crisissen en tegenslagen. Daarom formuleert Open Vld met dit congres een offensief antwoord op vier thema’s waar wij als partij het voortouw moeten nemen om de strijd tegen het conservatisme en het status-quo aan te pakken. Tegenover het terugplooien op zichzelf en het protectionisme zetten wij ons geloof in de open samenleving. We zijn er van overtuigd dat globalisering voor welvaart en vooruitgang kan zorgen, in de mate dat deze globalisering gestoeld is op een eerlijke, open vrije markt, respect voor mensenrechten en democratie. Om onze welvaart veilig te stellen moeten we onze grenzen en markten niet sluiten, maar ze juist nog meer open stellen. De klimaatverandering is een ander cruciaal domein waar Open Vld moet zorgen voor toekomstgerichte progressieve antwoorden. Volgens sommigen moeten we nu – in tijden van economische crisis - onze ecologische doelstellingen maar even opbergen. Ze vergissen zich schromelijk. We kunnen het ons gewoon niet langer veroorloven te werken aan een economie die haar CO2-uitstoot niet drastisch terugdraait. Bovendien is werk maken van een groene economie geen obstakel, maar net de weg om uit de crisis te geraken. Er is moed nodig om die groene omslag van onze economie te bepleiten. Nochtans is die omslag van levensbelang. Open Vld wil de dynamiek en de creativiteit van de vrije markt gebruiken om die omslag te versnellen. Om een antwoord te bieden op de crisis moeten we een weerbare samenleving hebben, waar eenieder de kans krijgt om vooruit te komen in het leven en ten volle zijn ambities waar te maken. Tegenover diegenen die mensen uitsluiten of opsluiten in een groep op basis van hun afkomst, cultuur of sociaal-economische startpositie, plaatsen wij ons geloof in een dynamische en open samenleving. Elk individu moet zijn geluk kunnen nastreven en zichzelf kunnen ontplooien. Daarom blijft het aanreiken van optimale startkansen voor iedereen een prioriteit. Hoe meer mensen er aan de slag zijn, hoe meer we onze welvaart kunnen veilig stellen en verhogen. Toch zien we dat veel gezinnen moeite hebben om de zorg voor het gezin te combineren met een beroepsloopbaan. De oplossing zit hier niet in het terugkeren naar de traditionele gezinsmodellen van weleer. Integendeel, mannen en vrouwen moeten de kans krijgen om een carrière te combineren met een volwaardig gezinsleven. Daarom trekken we in het laatste hoofdstuk resoluut de kaart van het moderne gezin, in al zijn vormen. I. Open samenleving : “de welvaart globaliseren“ Globalisering is een dagdagelijkse realiteit, en niet alleen op economisch vlak. We streven naar een wereld waarin de wereldburger diversiteit als een verrijking ziet en niet als een bedreiging. Waarin we ons er van bewust zijn dat ons lokaal beleid soms ook globale gevolgen heeft. Waarin we erkennen dat de grote uitdagingen van de 21e eeuw niet stoppen aan landsgrenzen, maar een wereldwijde uitdaging vormen (schaarste energiebronnen, opwarming aarde, explosieve bevolkingsgroei, beschikbaarheid landbouwgronden en drinkbaar water, ziektes,…..). (Introductie is niet amendeerbaar) I. 1. Open Vld gelooft dat globalisering, gebaseerd op een eerlijke en open markt en respect voor democratie en mensenrechten, leidt tot meer welvaart. De economische groei van de Westerse wereld en de opkomende welvaart in andere delen van de wereld zijn niet elkaars tegenpolen, zij versterken elkaar juist. Het openstellen en reguleren van markten is het beste systeem om de welvaart te globaliseren. Open Vld ijvert resoluut voor de eerlijke, open vrije markt op wereldvlak. We bestrijden fenomenen die de eerlijke open markt op de meest agressieve wijze beschadigen, zoals monopolies, kartelvorming en ongebreidelde speculatie. Juist daarom dienen de financiële markten op een doeltreffende wijze worden gereguleerd. Bovendien blijven we pleiten voor het afbouwen van de handelsbelemmeringen, het opdoeken van de import- en exportdrempels en alle regels door overheden opgelegd, die de eerlijke open markt beknotten. I. 2. Economische globalisering moet leiden tot globalisering van welvaart. We kunnen niet toestaan dat globalisering en de bijhorende positieve effecten volledig voorbijgaan aan continenten zoals Afrika. Voor de integratie van ontwikkelingslanden in de wereldeconomie blijft handel het belangrijkste instrument. We ijveren voor een grotere toegang van producten uit ontwikkelingslanden tot de markten van de ontwikkelde landen en een doordachte openstelling van de markten van de ontwikkelingslanden voor investeringen uit de rijkere landen. Verder zetten we via ontwikkelingssamenwerking in op de uitbouw van de particuliere sector en goed bestuur, zodat de opening van de markten ook wordt benut en economische groei tot stand komt. Tot slot stimuleren we de ontwikkelingslanden tot het scheppen van voorwaarden die ervoor zorgen dat de economische groei ook de armen ten goede komt. I. 3. Elke wereldburger moet vrije toegang hebben tot basisvoorzieningen zoals onderwijs, gezondheidszorg, voedselzekerheid en drinkbaar water. De toegang tot deze basisvoorzieningen is een grondrecht van alle mensen. Het bevorderen van optimale startkansen voor elke mens ongeacht de geboorteplaats, veronderstelt een blijvende solidariteit, over de grenzen heen. Als liberalen zullen we ons hiervoor op alle niveaus inzetten. Drinkbaar water is één van dé basisvoorwaarden voor ontwikkeling. Daarom stelt Open Vld voor om de extra middelen, voorzien in het groeipad om de 0,7% norm voor ontwikkelingshulp te halen, prioritair in te zetten voor drinkbaar water voor Afrika. I. 4. Globalisering moet ertoe bijdragen dat burgers in eerste instantie de kans hebben om in het eigen land een toekomst uit te bouwen. Dit is de meest efficiënte manier om een einde te maken aan gedwongen migratie, waarbij mensen willen ontsnappen aan de meest uitzichtloze situaties. Zo moet er voor de onmiddellijke zuiderburen van de Europese Unie, de Maghreb, een specifiek plan worden uitgewerkt dat de betrokken landen versneld helpt ontwikkelen, de secularisatie ondersteunt en lange termijn gedwongen migratie ontraadt doordat men het thuis beter krijgt. Open Vld pleit dus voor investeren in de ontwikkeling van deze landen en een doorgedreven economische samenwerking. Een einde maken aan elke vorm van migratie is evenwel een illusie en ook niet wenselijk. Een open en vrije economie staat open voor economische migratie, op voorwaarde dat wie hier komt wonen en werken in staat is om voor zichzelf een toekomst uit te bouwen en zich te integreren in onze samenleving. Illegale migratie moet worden tegengegaan, omdat ze mensen overlevert aan criminele circuits en uitbuiting in de zwarte economie. I. 5. Binnen de Europese Unie blijft de consequente toepassing van de vier vrijheden (diensten, goederen, kapitaal en personen) zeer belangrijk. Open Vld ijvert daarnaast voor een vijfde vrijheid: de vrijheid van kennis. Dit betekent o.m. grotere mobiliteit voor studenten, academici en onderzoekers tussen lidstaten om zo onderzoek en innovatie te stimuleren. Verder dient er werk gemaakt te worden van een interne markt voor intellectuele eigendomsrechten. I. 6. Wetenschappelijke vooruitgang verbetert de levenskwaliteit van mensen. De wetenschap moet zich vrij kunnen ontwikkelen. We verzetten ons tegen factoren die de wetenschappelijke vooruitgang tegenhouden op basis van bepaalde religieuze of ideologische dogma’s en bijgeloof. I. 7. Wereldwijd blijven we vechten voor de verdediging van de fundamentele rechten en vrijheden van elk individu. Een blijvend aandachtspunt moet de erkenning van de rechten van de vrouw zijn. We verzetten ons tegen dictaturen en totalitaire regimes. Daarnaast pleiten we voor een secularisering van het openbare domein. Het pad van de vrede en de democratie loopt via secularisering, individualisering en de erkenning van de fundamentele rechten en vrijheden van elk individu. II. Klimaat: “ecologie en economie als bondgenoot” Er bestaat geen twijfel meer over: de klimaatsverandering, voornamelijk veroorzaakt door het verbruik van fossiele brandstoffen, manifesteert zich meer en meer en betekent een bedreiging voor de mensheid. Hoewel iedereen zich bewust lijkt van dit probleem, is het beangstigend vast te stellen dat we tegelijkertijd nog afhankelijk zijn van de oorzaak van de temperatuursstijging. Daarnaast vormt de dreigende schaarste van grondstoffen en energieproductie een uitdaging, willen we in de toekomst de welvaartsgroei voor alle burgers mogelijk maken. (Introductie is niet amendeerbaar) II. 1 Open Vld neemt de opwarming van de aarde ernstig. Om de levenskwaliteit van de toekomstige generaties veilig te stellen moeten we nu ingrijpen. Onomkeerbare klimaatverandering kan enkel voorkomen worden door de wereldwijde uitstoot van CO2 drastisch en snel te beperken. Als eerste stap steunen we ten volle initiatieven zoals het plan van de Europese Commissie om tegen 2020 in 20 procent hernieuwbare energie, 20 procent energiebesparing en 20 procent minder broeikasgassen te voorzien. Maar we moeten verder durven gaan. Ons land dient zich niet te verschuilen in het peloton van de Europese lidstaten, maar moet koploper durven zijn inzake het stellen én behalen van ambitieuze milieudoelstellingen. Daarom ijvert Open Vld ervoor dat tegen 2050 de CO2 uitstoot in ons land met 80% moet gereduceerd zijn. II. 2. Ecologie en groei zijn geen tegenpolen maar bondgenoten. Milieuproblemen stellen geen grenzen aan de groei, maar geven integendeel de impuls om anders te groeien. Economische groei zal mede moeten gerealiseerd worden door de huidige productieprocessen te vervangen door duurzame alternatieven en aldus een nieuwe groene economie tot ontwikkeling te zien komen. Door de reële milieu-impact van economische processen te vertalen in een reële kostprijs, evolueren we naar een economie waarin de vervuiler betaalt. Zo zal ook door consistent het “cradle to cradle” principe te hanteren de samenleving op termijn afvalvrij kunnen worden. Op deze wijze worden milieuvriendelijke alternatieven competitief. De overheid dient daarom tijdelijk financiële stimuli te voorzien in sectoren waar het milieuvriendelijke alternatief voorlopig nog een concurrentienadeel heeft. Op die manier moet groene volledig competitief kunnen zijn met andere vormen van energie. II. 3 Als we fiscaliteit verstandig aanwenden, kunnen we belangrijke gedragswijzigingen tot stand brengen. Daarom willen we bestaande, vaak voorbijgestreefde belastingen afschaffen en die vervangen door doelgerichte heffingen op uitstoot. Zo worden mensen beloond als ze minder CO2 uitstoten. Deze klimaat-fiscaliteit moet een mentaliteitsomslag te weeg brengen in de wijze waarop we wonen, ons erplaatsen, produceren en consumeren. II. 4 Het is duidelijk dat eenieder een verantwoordelijkheid draagt in het verminderen van de uitstoot van kwalijke broeikasgassen. Voor liberalen zijn verantwoordelijkheid en vrijheid onlosmakelijk aan elkaar verbonden. Een fundamentele gedragswijziging willen we dus niet bereiken door de burger te betuttelen, allerlei regeltjes op te leggen, genotsproducten te verbieden of mensen een schuldcomplex aan te praten. Mensen moeten wel op basis van objectieve, heldere en transparante communicatie geïnformeerd worden over de milieu-impact van hun consumptiegedrag. En dit zonder taboes. Zo mogen mensen gerust geïnformeerd worden over de hoge CO2 uitstoot die gepaard gaat met de vleesproductie of met vliegtuigreizen. Op die manier kan eenieder een keuze maken om zijn gedrag aan te passen, maar wel in volle vrijheid. II. 5 Investeren in een “groene” economie wordt een kernopdracht van de overheid. De overheid dient ecologisch-innovatief ondernemerschap bij voorrang te stimuleren. Er worden stimulansen gecreëerd voor ondernemers om resoluut te kiezen voor groene, duurzame investeringen. Ecologische oplossingen kunnen onze export-producten worden. Open Vld wil nieuwe productnormen die aandacht besteden aan het milieubelastend karakter van producten. We ijveren voor een systeem van productnormering waarbij het product dat het hoogst scoort inzake eco-efficiëntie de norm wordt waaraan binnen een tijdspad van vijf jaar alle andere producten moeten voldoen. II. 6 Onvermijdelijk zullen we het spoor van onze huidige afhankelijkheid van eindige fossiele energiebronnen en instabiele politieke regimes op termijn moeten verlaten. Daarom pleiten we voor een nieuwe energiemix die zowel tegemoet komt aan een groeiende onafhankelijkheid als aan een groeiende energievraag. Vandaag is onze elektriciteitsproductie sterk gecentraliseerd. Bovendien maakt ze gebruik van niet-vervangbare energiebronnen zoals gas, kolen en uranium. Open Vld wil komen tot een gedecentraliseerde energieproductie, die kiest voor het gebruik van hernieuwbare bronnen zoals waterkracht, aardwarmte, zonne- en windenergie, bio-massa of waterstof. De centralistisch georganiseerde energie-infrastructuur van vandaag moet evolueren naar een soort “internetstructuur” waarbij een veelheid en diversiteit van producenten via een slim netwerk verbonden worden. Duizenden kleine (hernieuwbare) energieproducenten produceren daarbij zelf hun stroom en wisselen overschotten en tekorten uit. Tenslotte dient de beschikbare energie ook zo efficiënt mogelijk gebruikt te worden. Daarom pleit Open Vld voor extra inspanningen op het vlak van energie-efficiëntie. De goedkoopste brandstof is immers degene die we niet hoeven te verbruiken. II. 7. Naarmate energiebronnen schaarser worden, zal de strijd hierom heviger worden. We kunnen niet toestaan dat er in de wereld een energie-kloof ontstaat tussen de landen die energievoorzieningen hebben en dezen die dit niet hebben. Het kan niet zijn dat landen die het geluk hebben over een aanzienlijke voorraad natuurlijke rijkdommen te beschikken, internationale kartels vormen (bv. de OPEC) die de ganse wereldeconomie kunnen domineren en de consument de facto gijzelen. In navolging van de Wereld Handels Organisatie (WHO) moet er een Wereld Energie Organisatie (WEO) opgericht worden. Deze heeft als taken het beteugelen van het misbruiken van een machtspositie door één of meerdere landen, het beslechten van energieconflicten en het bevorderen van de eerlijke en open wereldhandel in energie. Verplichtingen tot mededinging en eerlijke concurrentie worden voortdurend opgelegd aan ondernemingen. Het valt moeilijk in te zien waarom landen die ook over een gelijkaardige machtspositie beschikken aan een dergelijke anti-monopolieregeling zouden ontsnappen. Elke mens heeft het recht ten volle zijn geluk na te streven. Mensen vinden hun geluk in de vrije ontplooiing van hun aangeboren en verworven capaciteiten. Mensen zullen hun capaciteiten optimaal ontplooien als ze daartoe ook de nodige kansen krijgen. Daarom streven we naar een open samenleving, waarin elke persoon zoveel mogelijk kansen krijgt om haar of zijn leven naar wens uit te bouwen.(Introductie is niet amendeerbaar) III. 1. Liberalen geloven in de kracht en de eigenheid van de mens om als ontvoogd individu zijn verantwoordelijkheid op te nemen in de samenleving. Opdat ieder individu in staat is dit te doen, streven we naar optimale startkansen voor eenieder. Niet alle inspanningen van mensen om hun eigen leven in handen te nemen en actief hun geluk na te streven zullen echter steeds succesvol zijn. Mensen hebben daarom ook recht op herkansing wanneer ze na een eerlijke poging niet lukten. Ieder burger heeft evenwel een morele plicht om de geboden kansen te grijpen. III. 2. We leggen ons niet neer bij fenomenen als armoede, huiselijk geweld, zelfmoord bij jonge holebi’s en discriminatie van mensen op basis van hun huidskleur of afkomst. Het volstaat niet rechten en vrijheden op te nemen in de grondwet en de wetgeving. Waar nodig moet de overheid ook een actief mensenrechtenbeleid voeren. Er is geen vrijheid zonder de vormen van onvrijheid weg te werken. Het is de taak van de overheid om structurele achterstellings- en uitsluitingsmechanismen op te sporen en discriminatie actief te bestrijden. Daarnaast dragen ook onze bedrijven en sociale partners een maatschappelijke verantwoordelijkheid inzake het inzetten van de beschikbare talenten op onze arbeidsmarkt en dit zonder vooroordelen of discriminatie. III. 3. Liberalen verdedigen het recht van elk individu om ànders te zijn. Mensen zijn wel gelijkwaardig, maar niet hetzelfde. We verzetten ons tegen een betuttelende en bevoogdende overheid die mensen in door het beleid bepaalde vakjes wil duwen of die uitgaat van een rigide groepsdenken. Een open en vrije samenleving is per definitie ook een diverse samenleving. III. 4. Voor een liberaal telt je toekomst, niet je afkomst. Het is beschamend dat we de kinderen en kleinkinderen van immigranten in ons land nog steeds betitelen als “allochtoon”. En dat we ze als groep behandelen die soms geholpen moet worden, maar vaker nog gewantrouwd wordt. We kiezen noch voor het “uitsluiten” van mensen uit de Vlaamse samenleving, noch voor het “opsluiten” van mensen in hun cultuur, in hun sociale afkomst of in eender welke hokjes. We verzetten ons tegen groepsdenken. Iedereen, ongeacht zijn of haar afkomst, moet kansen krijgen om zich te ontplooien in een samenleving die hiervoor enerzijds de ruimte creëert en anderzijds zorgt voor een gemeenschappelijke basis van waarden en normen. III. 5. Liberalen geloven in een samenleving die inzet beloont en ambitie waardeert. Mensen moeten op hun waarde beoordeeld worden. We streven ernaar geen talenten onbenut te laten en zorgen ervoor dat afkomst, sekse, leeftijd en sociaal-economische startpositie geen belemmering vormen voor zelfontplooiing. Eenieder moet voluit voor zijn of haar kansen kunnen gaan. Een open samenleving is een dynamische samenleving met alle ruimte voor sociale mobiliteit. III. 6. Onderwijs blijft een cruciale hefboom om mensen kansen te geven op welvaart en welzijn. Daarbij is het van belang dat alle niveaus van onderwijs – hoger, secundair en lager – en alle types van onderwijs – algemeen, technisch en beroeps – gekenmerkt worden door een hoge kwaliteit. Het onderwijs speelt ook een cruciale rol om van onze jongeren kritische en zelfredzame volwassenen te maken, die in staat zijn een eigen oordeel te vormen en durven opkomen voor hun onvervreemdbare recht op geluk. In de kennismaatschappij waarin we leven hebben we nood aan een cultuur van levenslang leren. Zo blijven we mensen ook in latere levensfasen nieuwe kansen bieden. III. 7. Het hebben van een eigen woning is een haalbare droom voor de meeste mensen. De overheid moet er met fiscale en andere instrumenten voor ijveren dat zoveel mogelijk mensen eigendom kunnen verwerven. Dit is meteen ook één van de beste garanties voor een onbezorgde oude dag. Voor degenen voor wie dit (nog) niet mogelijk is, moeten we in de eerste plaats zorgen voor een kwalitatieve en betaalbare huurmarkt. Dit doen we door zowel verhuurders als huurders te ondersteunen. Zonder rendabiliteit voor de verhuurders gaat de huurmarkt immers verloren. Een voldoende groot aanbod van sociale woningen vormt de laatste schakel van het woonbeleid. III. 8. Liberalen streven naar een samenleving waaraan iedereen zoveel mogelijk actief participeert. Om te kunnen meedoen moet je over een inkomen beschikken. In eerste instantie verkrijg je dit inkomen door arbeid. Het activeren van de werkbekwame bevolking is een belangrijke motor van sociale welvaart. Wie werkloos wordt heeft recht op optimale begeleiding naar een nieuwe job als werknemer of zelfstandige. Voor mensen die (voorlopig) niet in het reguliere arbeidscircuit actief kunnen zijn, zetten we voluit in op de kanseneconomie. Het is de taak van de overheid om kansenjobs te creëren en te investeren in een volwaardige sociale economie. Deze kansenjobs kunnen dienen als opstap naar het reguliere arbeidscircuit en bieden mensen kansen om actief te participeren aan de samenleving. III.
9. Wie niet in staat is om een inkomen uit arbeid te verwerven
heeft recht op sociale bescherming. In een open samenleving laat je mensen
die het moeilijk hebben niet in de steek. Maar een uitkering is altijd
het laatste redmiddel. In de eerste plaats proberen we mensen opnieuw
te wapenen om (terug) te participeren. Het sociale vangnet moet
waar mogelijk een maatschappelijke springplank zijn. We blijven
werkloosheidsvallen en andere sociale beschermingsvallen actief wegwerken.
III. 10. Door de vergrijzing komt ons pensioensysteem onder druk. Onze pensioenen bieden in hun huidige vorm onvoldoende garantie voor een zorgeloze oude dag. De armoedecijfers onder 65-plussers zijn zorgwekkend en onaanvaardbaar. Het pensioenstelsel moet hervormd worden om de betaalbaarheid ervan in de toekomst te garanderen en alle gepensioneerden minstens boven de armoededrempel te houden. De pensioenkloof voor vrouwen dient te worden weggewerkt, onder meer door de splitting van de pensioenrechten voor beide partners. We streven ook naar een volwaardige tweede pensioenpijler voor iedereen die een inkomen uit arbeid heeft. Tenslotte dient elke beroepsaktiviteit na pensionering vrij van lasten te zijn. IV. Het nieuwe gezin: “van modelgezin naar modern gezin“ Onze arbeidsorganisatie, ons sociaal zekerheidsstelsel en onze fiscaliteit zijn nog in hoofdzaak afgestemd op het traditionele kostwinnersmodel. Dit model beantwoordt niet meer aan de huidige sociologische en economische realiteit. Ook de samenstelling van de gezinnen is ingrijpend veranderd en zeer divers geworden. (Introductie is niet amendeerbaar) IV. 1. De mens is een sociaal wezen. Het staat elke mens vrij om de sociale relaties van zijn of haar keuze aan te gaan, net zoals het iedereen vrij staat om weer uit die verbanden te treden. De keuze om met iemand samen te leven of een gezin te stichten is een vrije keuze tussen vrije mensen. IV. 2. “Het modelgezin” bestaat niet; de wetgeving moet zich op dat vlak neutraal opstellen. De overheid dient de keuze voor gezinssituaties van mensen niet te “belonen” of te “bestraffen”. Ze mag geen vooroordeel inbouwen inzake het aangaan van een relatie of inzake de samenstelling van een gezin, inzake geslacht van de partner, inzake taakverdeling binnen een gezin, inzake de keuze om al dan niet kinderen te krijgen. Ons fiscale systeem en de sociale zekerheid worden herbekeken zodat ze op dit vlak keuzeneutraal zijn. IV. 3. Niet enkel het biologische ouderschap moet het criterium zijn om ouderlijk gezag en verantwoordelijkheid af te bakenen. Ook de vraag wie de dagdagelijkse verantwoordelijkheid van het opvoeden op zich neemt wordt in rekening gebracht. Nieuw samengestelde gezinnen en de kinderen binnen deze gezinnen hebben recht op een warme en duidelijke wettelijke regeling. De wetgeving wordt in dit licht herbekeken o.m. inzake erfrecht, ouderlijk gezag en verloven. IV. 4. In onze samenleving moeten alle meisjes en vrouwen de kans krijgen te studeren en op de arbeidsmarkt toe te treden. De loonkloof tussen vrouwen en mannen moet weggewerkt worden en vrouwen moeten net als mannen de kans krijgen een bevredigend gezinsleven te combineren met een volwaardige beroepsloopbaan. IV. 5. Eén van de hinderpalen op de weg naar het verhogen van de werkgelegenheidsgraad vormt de moeilijkheid die gezinnen, één- en twee-oudergezinnen, ondervinden om de beroepsloopbaan vlot te combineren met de zorg om het gezin en steeds vaker ook met de zorg om ouders of schoonouders. Periodes van werken, zorg, vorming en vrije tijd moeten elkaar vlot kunnen opvolgen tijdens de loopbaan. Op die manier kunnen meer mensen de stap naar de arbeidsmarkt zetten en er langer actief blijven. De individuele loopbaanrekening biedt hier een oplossing. Onze arbeidsorganisatie, sociaal zekerheidsstelsel en fiscaliteit dienen immers op een meer individuele leest te worden geschoeid. Loopbanen op maat van werkenden en nieuwe vormen van flexibiliteit moeten uitgedacht worden, bvb. mogelijkheid tot annualisering van de werktijd, zodat personen die in co-ouderschap instaan voor de opvoeding van hun kinderen hun werkweken meer flexibel kunnen invullen. IV. 6. Economische activiteit is de bron van alle welvaart. Maar niet alles moet in het teken staan van economie en arbeid. Integendeel, tijd voor het gezin en ruimte voor zelfontplooiing zijn uitermate belangrijk. De organisatie van onze economie en arbeidsmarkt wordt daar op afgestemd. We promoten een nieuwe “ thuisdiensten-economie “ die meer tijd voor het gezin als aanbod heeft. Deze sector creëert nieuwe jobs, ondersteunt de gezinnen en maakt zwart werk wit. De overheid stimuleert, onder meer via de fiscaliteit, die diensten die vandaag de dag door de gezinnen amper te betalen zijn. Zo zorgen we ook voor een faire behandeling van degenen die zorg dragen voor anderen (kinderen, senioren, gehandicapten, zieken). IV. 7. Onze senioren zijn vandaag de dag actiever en fitter dan ooit. Ook deze groep levert, na de actieve beroepsloopbaan, uiteraard nog een zeer waardevolle bijdrage aan de samenleving. We moeten af van een betuttelende benadering van senioren als mensen die per definitie hulpbehoevend zijn of zelf niet zouden weten wat goed is voor hen. Open Vld pleit resoluut voor de maximale keuzevrijheid voor senioren om het eigen geluk na te streven. De keuze om al dan niet nog een beroepsactiviteit te hebben na de pensionering, de keuze om op een andere manier nog bij te dragen aan de samenleving, de keuze zo lang mogelijk thuis te wonen,…. Het fundamentele recht op geluk van eenieder verstrijkt niet naarmate men ouder wordt. |